Terugblik Architectuurcafé WHO CARES – over de zorgopgave in verouderde wijken

Terugblik, tekst: Johanna van der Werff | Foto's: Robin Joshua

Pitchers tijdens het Architectuurcafé:
- Esther Akkerman, Syntrus Achmea, met ‘Who Dares Carnisse 2027’, Rotterdam;
- Hélène Houben, Houben architectuur, met ‘De wijk als (t)huis.’, Sittard-Geleen;
- Peter van Assche, bureau SLA, met ‘BloemkoolBurenBond en Hedendaagse Hofjes.’, Almere haven;
- Berci Florian, de Vrbldng, samen met Jan Poolen, ZEEP architects and urban designers, ‘Expeditie Almere Haven’, Almere Haven;
- Wieteke Nijkrake, NOHNIK architecture and landscapes, met ‘Care 2 Share Oosterparkwijk’, Groningen’.

Forumleden:       Fleur Imming (wethouder zorg, wonen en wijkvoorzieningen Amersfoort), Anneke Nijhoff (teamleider planontwikkelingsbedrijf team FAME), Onno Bremmers (portefeuillehouder vastgoed Woonzorg Nederland), Endry van Velzen (partner De Nijl architecten), Rob Hoogma (voorzitter Raad van Bestuur Siza), Floris Alkemade (Rijksbouwmeester) en Achmed Baâdoud (voorzitter dagelijks bestuur stadsdeel Nieuw-West, Amsterdam).

Moderators        Rutger Oolbekkink en Guido Wallagh (Inbo)

Op woensdag 7 februari 2018 stond het Architectuurcafé van FASadE in het teken van de prijsvraag WHO CARES, uitgeschreven in 2017, een initiatief van atelier Rijksbouwmeester, Stichting van Humanitas en de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving. Vraagstelling van de prijsvraag: koppel de – toch al lastige – hervorming van de zorg aan ruimtelijke vernieuwing in minder of meer verouderde wijken. Bijna 800 mensen in 174 teams bogen zich over de opdracht hoe te komen tot nieuwe vormen van wonen, zorg en samenleven. Vijf teams werden als winnaars aangewezen in Almere, Groningen, Rotterdam en Sittard-Geleen.

In zijn inleiding op het Architectuurcafé sprak Rijksbouwmeester Floris Alkemade over het belang van goede, zorgbestendige wijken voor ouderen en andere zorgbehoeftigen. We hebben te maken met een vergrijzingsopgave waar veel van onze wijken niet op zijn toegerust. We moeten ze repareren, maar als we dat doen, laten we ze dan repareren ‘met goud’, volgens de Japanse wijsheid Kintsugi, zodat het resultaat echt beter is.’.  

Wieteke Nijkrake trapt af met Care2Share, over de Oosterparkwijk in Groningen. Een wijk met 12.000 inwoners, een gemiddelde WOZ-waarde van 128.900, bestaande uit 6721 woningen, waarvan 57% corporatiebezit en met 68% eenpersoonshuishoudens. Nijkrake toonde een integrale visie, waarbij ook elementen uit de bewegingswetenschap en planeconomie waren meegenomen. Enerzijds voorziet Care2Share in ingrepen in de wijk, met beweegtuinen, een ambachtshuis, uitnodigende wandelroutes en culturele functies in de hoeken van de woonblokken; anderzijds in oplossingen op maat, op basis van gesprekken met bewoners. Essentiele elementen van de op-maatoplossing van Nijkrake: de Leefconsulent en een leefabonnement, die garant staan voor optimaal behoud van regie voor de betrokken zorgbehoeftige, een ruim gedefinieerd begrip, variërend van zeer autonoom opererende ouderen tot ernstig zorgbehoeftige jongeren.

FORUM
In reactie op het plan merkt wethouder Imming op dat zorgbehoeftigheid ons aller toekomst is, uitzonderingen daargelaten.
Baâdoud wijst erop dat  kinderen in ‘zijn’ cultuur ‘te snel’ lijken te integreren: ‘Ook zij trekken zich al niks meer aan van het lot van hun ouders, terwijl ze dat in ‘eigen’ land wel degelijk doen.’.
Wallagh: ‘Hoe krijgen we die nieuwe mentaliteitsverandering van betrokkenheid op elkaar tot stand?’.
Nijhoff: ‘Het probleem zit al in de benadering van de oudere. Er wordt gesproken van ‘Langer thuis’, maar het streven zou moeten zijn ‘Altijd thuis’. Het stoort haar dat plannen altijd voor in plaats van met mensen worden gemaakt.’.
Bremmers: ‘Ook disruptie kan heel wat teweeg brengen. Kijk in Groningen in het aardbevingsgebied. Deze ramp heeft een enorme hoeveelheid initiatieven en zelfredzaamheid naar boven gebracht.’.
Hoogma: ‘Laten we wel wezen. ‘Zorg’ komt  feitelijk pas laat in het proces. Heel lang gaat het gewoon om ‘leven’.’. 

Wijk als (t)huis
Hélène Houben volgt met de Wijk als (t)huis, over de wijk Geleen-Zuid/ Kluis in Sittard-Geleen, een krimpgebied bij uitstek. Geleen-Zuid/ Kluis is een wijk met 10.000 inwoners, een gemiddelde WOZ-waarde van 147.000 (Zuid) en 156.000 (Kluis), bestaande uit 5000 woningen uit de jaren ’50-‘60, waarvan 35 corporatiebezit en met 42% eenpersoonshuishoudens. Essentie van Houbens plan: wonen stopt niet bij de voordeur! Van belang is het creëren van een verbindende leefomgeving, waar de auto plaats maakt voor ontmoetingsruimte, met een groene klimaat-adaptieve route die de wijk met zorgcentra verbindt, tot aan het Beekdal. Deze verbindende route heet de KalleCallem of te wel ‘ praatstraat’. Levensloop- en toekomstbestendigheid is met logische ingrepen gedaan. Het wonen aan een hof is teruggebracht in de traditionele, Limburgse vorm van een carréhoeve, met verschillende woningtypes, waar overigens een mix van jong en oud woont.
Van Velzen: ‘Let op, een hof werkt alleen goed als hij goed verbonden is. Een bloemkoolwijk kom je wel in, maar niet meer uit. Daar werkt het dus niet.’. 

FORUM
In reactie op het plan van Houben zegt Baâdoud de kwaliteit van de openbare ruimte zeer  belangrijk te vinden: ‘De looproute naar voorzieningen moet ook echt wat bieden.’. Imming: ‘En daar ligt een spanningsveld. Er moet nu veel gebouwd worden in korte tijd. Goede openbare ruimte schiet er vaak bij in. Er zijn immers meerdere prioriteiten. Er is nog veel te leren. Nieuwe omgevingswet, wat ons veel meer dwingt om na te denken.. Pas na 2021! Is er een wet voor nodig? Integrale denken zit nog niet ingebakken in ons denken. We moeten ook denken aan aspecten als betaalbaarheid, productie, die hebben ook prioriteit.
Nijhoff: ‘ Vergeet ook niet de ‘tweede eenzaamheid – het verdwijnen van zielsverwanten. Soms is het ontbreken van een openbaar toilet een reden voor ouderen om niet naar het winkelcentrum te kunnen! Terwijl dat zo’n belangrijk sociale functie heeft.’.
Bremmers: Wat ik van belang vindt is woonruimteverdelingsbeleid. Het is ook belangrijk om daarbij de vraag te stellen ‘Wat kunt u betekenen voor dit complex. Dit levert een ‘Quick win’!’. Baâdoud: ‘Helemaal eens. Ook wij passen dit toe. Bijvoorbeeld moet men tien keer per week iets doen voor de buurt.’. Bremmers: ‘Of denk aan het actief samenbrengen van hangjeugd en ouderen en jongeren. Dat is ons zeer goed gelukt.’. 

Who dares
Esther Akkerman van Syntrus Achmea licht ‘Who dares’, over de ‘doorgangswijk’ Carnisse in Rotterdam toe. De wijk, waar mensen gemiddeld niet langer dan vier jaar wonen, omvat 11.065 inwoners, de gemiddelde WOZ-waarde is 76.000, er zijn 6000 woningen, waarvan 14% corporatiebezit en met 70% een- of tweepersoonshuishoudens. Feitelijk betreft Who dares een transformatie van de wijk, waarbij maar liefst 30% vernieuwd wordt. Hoewel schijnbaar een grootschalige ingreep van bovenaf, beoogt het team de actieve inzet van burgers en bewoners. Bestaande initiatieven worden in een (zorg)netwerk verbonden. Het enthousiasme voor het plan bij de gemeente Rotterdam is groot. Het wordt gezien als voorbeeld voor hedendaagse stadsvernieuwing.

FORUM
Een aantal forumleden toont zich enthousiast over het plan, dat als voorbeeldstellend wordt gezien. Imming: ‘Dit zou voor Amersfoort zeker interessant kunnen zijn.’. Nijhoff: ‘Vanuit preventie-oogpunt is dit plan heel aantrekkelijk. Het levert de verzekeraar veel geld op. Hoogma: ‘Jazeker, en als het goed heeft het ook een essentiële sociale component.’. Wallagh: ‘Wie heb je nodig om dit te realiseren?’ Het forum komt tot zes partijen: gemeenten, corporaties, zorginstellingen; beleggers, zorgaanbieders en grondeigenaren.
Van Velzen is kritisch op het plan: ‘Wat is het verschil met een ‘gewone gebiedsontwikkeling? Het is een droom! Iedereen investeert en er komt geld uit! Is dit niet wat we willen denken, nu we net uit de crisis terugveren?’.   

Expeditie Almere Haven
Berci Florian en Jan Poolen lichten Expeditie Almere Haven, Almere toe. De wijk omvat 22.135 inwoners, de gemiddelde WOZ-waarde is 189.000, er zijn 10.060 woningen uit de bouwperiode 1975-2000, waarvan 70 % corporatiebezit en met 46% eenpersoonshuishoudens.
Florian beschrijft een ideeënrijk proces, waarbij het team zich volop liet voeden met wat mensen zelf willen, vandaar ‘Expeditie’. Met elkaar, niet vanuit een plan, maar vanuit een proces, vanuit de kracht van de wijk, vanuit enthousiasme en verleiding. En geen obligaat soort participatie. De gemeente Almere, een pioniersgemeente bij uitstek, is zeer enthousiast en heeft het team opdracht gegeven een en ander verder te brengen. Poolen vertelt dat ze als team hebben ingespeeld op de pioniersgeest die in Almere heerst. Ooit bedoeld voor 30.000 inwoners is de wijk blijven hangen op nog geen 23.000 inwoners. Dit heeft effecten op voorzieningen. Poolen: ‘Er is veel leegstand. Dat levert veel boosheid op bij bewoners, maar die energie kunnen wij juist positief inzetten.’.

FORUM
Alkemade: ‘Dit plan brengt inspraak naar een hoger nivo.’.
Wallagh: een mer à boire aan ideeën, dat in praktijk moet worden gebracht. Hoe?’.
Florian: ‘Door ons project te verbinden met initiatieven en investeringen die al in de wijk worden gedaan.’. Bremmers: ‘Dit lijkt me goed. Volgens Eveline Tonckens, hoofleraar burgerschapskunde is het van belang om aan te sluiten bij de initiatieven van burgers.’. Alkemade: ‘Het ontslaat de ontwerper overigens niet van de verplichting om te blijven ontwerpen!’.

BloemkoolBurenBond en Hedendaagse Hofjes
Peter van Assche presenteert BloemkoolBurenBond en Hedendaagse Hofjes, Almere Haven. Zijn plan gaat uit van de diagram van het leven, van geboorte naar dood. Burenbond is een organisatie van vrijwilligers. Burgers helpen andere burgers met een vraag, activiteit of hobby. Een plan dat geen regie van bovenaf, bewoners krijgen ondersteunen, maar organiseren hun eigen leven nog in meer en mindere mate. Het is een bezield plan, geen zorg via instellingen en instituten, maar via betrokken vrijwilligers aansluitend bij de participatiesamenleving.  

FORUM
Wallagh: Roept deze vraag andere woningen op?
Alkemade: ‘Ja, kleiner, maar in de buurt, dus leidend tot ‘kleine’ verhuizingen, dichtbij.’.
Imming: ‘Het contact is belangrijker dan de woning. Het ergste wat een  mens kan overkomen, is dat hij niet deelneemt aan samenleving.’.
Bremmers: ‘Beeld van oudere is bloemetjesjurk, urine en bloemkool. Maar de ouderen in de toekomst geven echt een ander beeld. We hebben onvoldoende beeld van de oudere van de toekomst.’. Hoogma: ‘We hebben wel degelijk een goed beeld van de ouderen van de toekomst en passen daar de lay out van woningen ook op aan.’.   

SLOTSOM Alkemade: ‘WHO CARES is afgelopen, maar gaat nu pas beginnen. Er is een beweging in gang gezet en een levendige ontwerpkracht losgemaakt, vol optimisme en vindingrijkheid. Binnenkort gaat er een brief naar de ministeries van BZK en VWS. En verder werken we door aan een Communicty of practice.’.